s88 compatible terugmelder met 16 stroomdetecterende ingangen.

En meer...

Terug naar de digitaal pagina.


Met de opkomst van de digitaal techniek ligt het automatiseren van een modelbaan binnen handbereik.
Naast het kunnen besturen van de treinen met behulp van de PC, is het voor een (semi-) automatisch bedrijf nodig, dat een computer (PC) weet waar de treinen zich bevinden.
Dit principe wordt terugmelden genoemd. Tussen rails en digitale centrale wordt een stukje electronica aangesloten dat op enerlei wijze de aanwezigheid van een trein detecteerd. Voor het 3-rail systeem is dit vrij eenvoudig door 1 van de rails te isoleren en aan te sluiten op een digitale ingang. Door het kortsluiten van de rails door de assen van locomotieven en wagens wordt een melding gegenereerd. Dit zijn de z.g. kortsluitmelders. Voor het 2-rail systeem ligt het iets ingewikkelder. Immers de rails kunnen en mogen niet kortgesloten worden. De methode die dan vaak wordt toegepast, is die van stroom detectie. M.a.w. een stukje electronica meet of er op een bepaald stuk rails stroom verbruikt wordt. Deze electronica levert dan op zijn beurt weer een melding naar de terugmelder.

Modules voor beide systemen zijn kant en klaar in de handel te koop. Een groot nadeel is naast de prijs, dat vaak een combinatie van modules moet worden aangeschaft waarmee e.e.a. te realiseren is.

Om aan de bezwaren tegemnoet te komen heeft Wim Ros een print ontworpen waarop electronica voor 16 !! stroomdetectoren inclusief de terugmeldings electronica volgens het s88 principe is aangebracht. Het s88 systeem is 1 van de eerste methoden van terugmelding, zoals die aanvankelijk door Marklin op de markt werd gebracht. Tegenwoordig zijn er vele merken die de z.g. s88-bus ondersteunen.

Een van de nadelen van het s88 systeem is, dat indien niet geheel correct aangesloten en/of in het geval van lange bekabeling het nogal storingsgevoelig kan zijn. De reden hiervoor is, dat er zwakke computer-logica signaaltjes van 5v in een nogal ruwe en van electronische storingsbronnen vergeven model-baan omgeving worden getransporteerd.

Om dit soort stroringen te voorkomen, zijn er tal van andere 'bussen' ontwikkeld. Zo heeft Lenz de RS-bus, Trix de SX-bus en Digitrax het LocoNet ontwikkeld.

Daar de print van Wim Ros eigenlijk te mooi is om niet voor de andere systemen te gebruiken, en anticiperend (maart 2008) op het feit, dat de Uhlenbrock IntelliBox II ( opvolger van de huidige IB met s88-bus ) geen s88-interface meer zal hebben, is er een s88LocoNet module ontwikkeld. Op deze pagina bevindt deze zich nog in het prototype stadium.

Lees hier verder om te zien hoe een s88SD16 gebouwd kan worden.

De 'kale' print zoals Wim Ros die levert.

Het boodschappenlijstje voor de onderdelen.
We beginnen met de 100KOhm weerstanden.

Neem eerst even de maat waar de weerstanden precies om te buigen.

Tip: monteer ze allemaal in dezelfde richting, dwz dezelfde kleurringen naast elkaar. Dit maakt een eventueel foutzoeken in de toekomst eenvoudiger.


Eerst worden alle weerstanden gebogen en in de print gestoken. Daarna leggen we er een boekje of andersoortig plaatje op en keren de hele print in 1 keer om !

Soldeer eerst 1 rij vast, dan kontroleren of er eventueel geen weerstanden scheef zitten en dan de andere rij.
Vervolgens knippen we de uitstekende draden net boven de soldering af.

Doe dit met een goed, scherp electronica kniptangetje, of... met een nagelknipper :)
De 100KOhm weerstanden zitten op hun plaats.

Nu hetzelfde procede met de 10KOhm weerstanden...
...en de 100Ohm...
Nu een keuze die je moet maken: Wel of geen IC-voetjes gebruiken. Beide is een goede optie.

Zelf prefereer ik het wel te doen, maar dan alleen met z.g. precisie voetjes. Kost een paar euro meer, maar het contact is voor eeuwig en als er eens een keer iets stuk mocht gaan, toch makkelijk te vervangen.

Voor de CD40xx IC's zijn hier voetjes met geintegreerde ontkoppelcondensator gebruikt.
Niet dat dit nodig is, maar omdat deze print voor wat experimenteer werk gebruikt gaat worden....


Let Op: Deze IC-voeten met ingebouwde ontkoppelcondensator absoluut NIET voor de optocouplers gebruiken !
Opm. Lees voor voetjes, IC's als je geen voetjes gebruikt.

Het solderen van de voetjes gaat het handigst door ze eerst op twee tegenover elkaar liggende hoekpunten even vast te tippen.

Daarna zijn ze eventueel nog te corrigeren om ze vervolgens helemaal vast te solderen.

Tip: Laat het soldeer goed vloeien, zodat het hele eilandje bedekt is met tin. In deze afbeelding is dat nog niet goed gedaan !
Na de IC-voetjes komen de 10nF condensatoren aan de beurt...
... gevolgd door de brugcellen.

Let Op: Op de cel staan + en - tekens. Deze moeten overeenkomen met de tekens op de print !
Volgende onderdeel is de BC547 transistor...
... gevolgd door de 100nF condensator.
Nu is het tijd voor de header-pins.

Zaag deze, b.v. met een Roco zaagje, netjes af. Ze zijn ook af te breken, maar dat geeft een slordig resultaat :(
Als laatste te solderen onderdelen zijn de aansluitklemmen aan de beurt.

De klemmen kunnen aan elkaar worden geschoven.

Het beste gaat dit in twee groepen. De maatvoering is net te krap om alle 18 in 1 keer te plaatsen.

Tip: Stook de soldeerbout nu flink op ! Zowel de pootjes als de gaten in de print trekken veel warmte weg...
De print met alle componenten er op gesoldeerd.

It's a beauty :-)
Draaien we de print om, dan zien we nu alle afgeknipte solderingen. Mijn praktijkleraar vertelde me vroeger dat dit to mogelijke storingen kan leiden. Vandaar, u met een lekker hete bout alle solderingen nog een keer laten vloeien !
Zo ziet het er al stukken beter uit.

Maar... je ziet overal harskern resten, eventueel vermengd met miniscule korreltjes tin. Wederom een mogelijke bron van storing...
... de print schoongeschrobd met tandenborstel en wasbenzine !

Om de print bij montage niet mechanisch te belasten ( en het voorkomen van krassen op mijn werkblad ;) ) Zijn er plastic plakvoetjes onder geplakt.


Nogmaals de compleet afgewerkte print, rustende op de voetjes.

Nu is het tijd om met behulp van de multimeter de boel op sluitingen door te meten.

Als dat gedaan is, kan er zonder de IC's te plaatsten, maar wel aangesloten op een werkende s88 bus gecontroleerd worden of alle voedingsspanningen aanwezig zijn.

Pin 16 van cd CD40xx IC's moeten 5 volt hebben t.o.v. Pin 8 die aan GND ligt.
De print kant en klaar met ingestoken IC's.

Klaar voor gebruik aan een s88-bus !


Maar.... deze prachtige print is voor meer bussystemen te gebruiken !! Lees verder...
 

s88LocoNet adapter

Voor het gebruik van de s88SD16 aan het LocoNet is er, samen met Wim Ros, een speciale adapter ontwikkeld welke direct aan de print geprikt kan worden.

Hier een afbeelding van het prototype...
... echt een prototype ;) op stroken print.

Links de connector voor aansluiting op de s88SD16.

De plastic pootjes rusten later op de s88 IC's

Wim Ros werkt aan een professionele print, waarvan de layout mogelijk iets anders, universeler kan en zal zijn :)
Beide modules, nog niet verenigd.
Simpelweg de s88LocoNet module op de s88SD16 steken en we hebben een module die functioneel gelijkwaardig is aan 2 stuks Uhlenbrock 63 340 Ruckmeldemodules.
Het prototype heeft slechts 1 LocoNet bus. Praktischer is om twee bussen te hebben, zodat het LocoNet van de ene naar de andere module kan worden doorgelust.
En hier zit de verbinding.





Opmerking: De uiteindelijk productie versie kan er anders uitzien, maar het principe is eender !
 
De testopstelling
De module is getest met de opstelling, rails en software van de Plan U pendelbaan in Genk en op Eurospoor.

Componenten:

- Daisy System
- John Jabour LocoBuffer
- LocoNet verdeelbox
- s88SD16
- s88LocoNet
- Laptop met JMRI
De modules in actie.

Zonder aanpassingen aan de soft- of hardware, de Uhlenbrock 63 340 vervangen door s88SD16/s88LocoNet en na ruimschoots 4 uur initele test, geen enkele storing ontdekt !


Dat het gebruik van de s88LocoNet niet tot alleen 1 s88SD16 module beperkt hoeft te blijven moge duidelijk zijn, maar daarover later meer...

© Copyright 2008 | Sleutelspoor.nl
eXTReMe Tracker